overzicht Infanterie Regiment ga naar overzicht Infanterie bataljon ga naar overzicht Infanterie bataljon ga naar overzicht Infanterie bataljon ga naar overzicht Infanterie bataljon ga naar overzicht Infanterie bataljon ga naar overzicht Infanterie bataljon Mortier compagnie PAG compagnie Batterij 6-veld Staf Regiment Infanterie PAG groep Mortiergroep / stuk Mortiergroep / stuk
(Korte uitleg bij het schema: Dit plaatje is gebaseerd op een verticale schemavorm, hiërarchie van boven naar beneden met de baas in de top (midden). De zwarte lijnen zijn vertakkingen in de hiërarchie naar onderen, c.q. naar buiten en geven de onderliggende gezagsverhouding aan. De eenheden aan de zijkant geven de vuur ondersteunende eenheden aan, de 6-Veld batterij, de pantserafweergeschut compagnie en de mortieren compagnie.)

Regiment infanterie oorlogsorganisatie


Organisatie infanterie (algemeen)

- Groep (10-11 man),
- Sectie (30-34 man=3 groepen),
- Compagnie (plusminus 160 man=4 sectiën+staf),
- Bataljon (plusminus 750 man=3 compagniën+MC+staf),
- Regiment (plusminus 2.500 man=3 bataljons+PAG+Mtr+6-veld+staf),
- Divisie (plusminus 10.000 man = 3 regimenten+staf+ondersteuning) en
- Legerkorps (plusminus 25.000 man = 2 divisies+staf+ondersteuning).



Inleiding

Het infanterieregiment was als militaire organisatievorm de belangrijkste eenheid, waarbij de aanwezigheid van infanterie-gevechtsgroepen karakterbepalend is. In Nederland is de naam "regiment" bij de Koninklijke Landmacht in gebruik vanaf 1841. De regimenten werden destijds genummerd van 1 t/m 8.

In het begin van de twintigste eeuw werd de infanterie met drie regimenten uitgebreid. In 1903, het 9e Regiment Infanterie (RI), in 1904 het 10e RI en in 1905 tenslotte het 11e RI.

In 1913 werd het aantal infanterieregimenten in verband met de dreigende situatie verdubbeld tot 22. Deze nummers staan bekend binnen de literatuur als de "lage nummers/ lage nummering".

In 1940 bestond het regiment organiek uit drie infanterie bataljons met vuurondersteunende en verzorgende eenheden. In de periode vanaf 1922 tot aan de mobilisatie van 1939 bestond een regiment eigenlijk alleen op papier. De dienstplichtigen die elk jaar opkwamen werden ondergebracht bij de opleidingscompagniën/ depot bataljons.

Tijdens de mobilisatie van 1939, dienden de "staande" regimenten een zogenaamde "oorlogsregiment" te formeren. Het regiment Grenadiers begon met vulling van het 23 Regiment Grenadiers (23 RG), de Jagers op hun beurt met 24 RJ. Het 1 RI formeerde vervolgens 25 RI, 2 RI vulde 26 RI en zo voort tot 46. De nummers 23 tot 46 noemde men wel de "hoge nummering".



Na de mobilisatie verlieten de regimenten hun garnizoensteden en vetrokken ze naar de oorlogsbestemmingen in de diverse streken van het land.